Als je je vaak gespannen voelt,
snel schrikt, of moeite hebt om te ontspannen,
dan is er niets mis met jou.
Je zenuwstelsel staat simpelweg te vaak aan.
Je lichaam probeert je te beschermen.
Het scant voortdurend de omgeving.
Op gevaar.
Geluiden, gedachten,
verplichtingen of emoties kunnen dan al snel te veel zijn.
Ook als je rationeel weet dat je veilig bent,
kan je lichaam iets anders vertellen.
Angst en overprikkeling leven in het lichaam.
Angst is geen gedachteprobleem.
Overprikkeling is geen zwakte.
Het zijn lichamelijke reacties van een zenuwstelsel
dat te weinig rustmomenten kent.
Daarom helpt uitleg vaak maar beperkt.
Je lichaam heeft geen overtuiging nodig, maar ervaring.
Veiligheid hoeft niet groot te zijn.
Je hoeft niet diep te ontspannen.
Je hoeft niets te forceren.
Zelfs een klein moment van iets minder spanning is al genoeg.
Zoals:
je voeten voelen op de grond
een hand op je borst leggen
langer uitademen dan inademen
zacht om je heen kijken
Dit zijn signalen voor je zenuwstelsel:
Ik ben hier.
Het is nu oké.
Rust ontstaat stap voor stap.
Wanneer je lichaam vaker deze kleine momenten ervaart,
hoeft het minder hard te werken om jou te beschermen.
De angst zakt niet omdat je haar wegduwt,
maar omdat je lichaam merkt dat het niet alleen is.
Je hoeft dit niet perfect te doen.
Soms lukt het.
Soms niet.
Beide zijn oké.
Elke keer dat je even pauzeert,
even voelt,
even vertraagt,
bouw je aan veiligheid in je zenuwstelsel.
Je hoeft niets op te lossen.
Je mag er zijn.
Ook zo.
